Deze week is het 98 jaar gelden dat de watersnoodramp van 1916 de vissersdorpjes rond de oude Zuiderzee trof. Ook Bunschoten-Spakenburg werd zwaar getroffen.

Deze gebeurtenis vormt het verhaal in De wind in de storm, een kort verhaal uit de serie Wolkenruis

Fragment:

Op de beweging van een grote golf zwaaide hij zijn benen over de rand, en
direct zag hij Jaan liggen. Levenloos. De tocht door het koude water had hem
veel van zijn krachten gekost en zijn lichaam eiste een moment rust. Het
water golfde wreed kalm uit het vooronder vandaan. De boeg lag gescheurd
op de zandbanken en het water stond tot aan het bun. Jaan lag achter op het
schip. Met veel moeite hees hij het slappe lichaam op en sleepte het naar de rand
van het schip, en dook met hem het water in. Vrijwel gelijk voelde hij een
vertrouwende spanning op het touw. Terwijl hij zijn arm om Jaan heen hield,
probeerde hij stabiel te blijven, Ome Gijs en de man deden de rest.

Peter Heuveling – Wolkenruis – De wind in de storm